"TDeGall&GallOjaar
Voordeelslijter
W. J. van Bommel: veelbewogen loopbaan
Knuppel in slijtershok
W. J. van Bommel.
12
Drie jaar met wisselend succes en
plezier gewerkt, toen door plotselinge
omstandigheden het filiaal Beethoven
straat vrijkwam. Dit met beide handen
aangepakt, daar ik mij in een zaak
toch beter op mijn plaats voelde.
Inmiddels toegetreden tot O.R. en
C.O.R. Bij dit werk vraag je jezelf wel
eens af: waar ben je mee bezig. Ik
vergelijk het soms met voetbal, maar
dan zonder scheidsrechter en zonder
trainer.’
De proef werd gelukkig met goed
gevolg afgelegd op de Stadionweg bij
de heer v. d. Hoogen en ik werd
aangesteld als filiaalhouder in het
filiaal Moerbeek op de Overtoom.
Maar ik moest wel zorgen het
vakdiploma binnen drie maanden te
halen. Woonruimte was achter de
winkel. Datje slaapkamer gedeeltelijk
magazijn was nam je op de koop toe.
Er werd in die tijd wel gewoond
dal zou je nu niet meer accepteren.
Na zes jaar was ik wel uitgekeken op
de Overtoom, de buurt werd minder
en ik kreeg de kans mij waar te maken
in een wat grotere zaak die pas was
verbouwd op de Ceintuurbaan. Mooie
zaak, grotere woning, alles leek prima,
maar na enige jaren begon het weer te
kriebelen en werd voor mij de functie
gecreëerd van onderhouds-inspecteur
met inbegrip van de etalages en
reclame.
Alles ging voorspoedig. Bols werd op
tijd afbetaald en was mij tot grote
steun, maar toen gooide men de
knuppel in het slijtershok en ging men
elkaar de nek afsnijden. Na een
mislukte poging van mij om een
plaatselijke concurrent over te nemen,
werd mij in 1976 door Gall Gall
het aanbod gedaan de zaak over te
doen aan Gall Gall en zelf de
Beethovenstraat te gaan runnen,
waarvan de filiaalhouder in de kaas en
de nootjes ging.
Je houdt het niet voor mogelijk.
’In 1954 begon het; door de ook toen
heersende malaise geen baan
vindende in m’n eigen vak, de
meubelen, terecht gekomen in
Doorwerth bij de Hevea rubber
fabrieken. De stille, maar prachtige
omgeving en de ploegendiensten
deden mij uitzien naar een kans om
weer richting Amsterdam te gaan.
Toen de firma Oostveen in
Amsterdam dan ook vroeg naar
filiaalhouders voor diverse slijterijen
was de brief gauw gepost, met als
resultaat een onverwacht bezoek van
een voor die tijd grote Mercedes,
waaruit te voorschijn kwam een heer
van fors postuur die zich voorstelde
als Vlasman, eigenaar van de firma
Oostveen.
Het doel van z’n bezoek was om
kennis te maken met de familie
Van Bommel, omdat hij de vrouw
haast net zo belangrijk vond als de
man. Dit vanwege het feit dat de
vrouw de man altijd terzijde moest
staan, dus ook in de winkel. Na
diverse kopjes thee kwam de
hamvraag: heb je zin veertien dagen
op proef te komen? Gaat het goed,
dan krijg je een zaak, zo niet, dan heb
je pech gehad.
In 1969 kwam de grote verandering:
Bols nam Gall Gall over. Dit deed
mij besluiten de firma te verlaten en
met financiële hulp van Bols kon ik
een zaak met pand overnemen in
Bloemendaal. Na zestien jaar nam ik
afscheid van Gall Gall.
Toen in 1978 filiaal Bloemendaal
vrij kwam was de keus helemaal niet
moeilijk: vijf minuten van huis,
vertrouwde en getrouwe klanten, ik
kon het niet beter treffen.
Inmiddels is de heer Kemner eraan
gewend op non-actief te staan en kan
hij zijn tijd wel zoetbrengen. O.a. als
secretaris/penningmeester van een
bejaardensociëteit. Drie kinderen en
vier kleinkinderen zorgen ook voor de
nodige afleiding. Met veel genoegen
denkt hij terug aan Signorgo omdat hij
zo zelfstandig was. ’Je had het gevoel
dat je je eigen winkel had. Ik weet dat
dit nu niet meer zo is.’
Over het trekken van vergelijkingen
tussen vroeger en nu vertelt de heer
Van Bommel:
’Het is soms moeilijk te vergelijken.
Veel was vroeger goed en slecht en
ook nu. Discipline toen betekende een
zaak runnen alsof hij van jezelf was,
zorgen voor een perfecte etalage en
’s zaterdagavond je vloer schoon,
Tk ben weer teruggegaan naar de
Witte de Withstraat, maar kreeg er
een assistent bij en tevens de opdracht
nog meer filialen op te zoeken in en
rond Rotterdam. Zo heb ik o. a. die in
Zuid gevonden. Het laatste filiaal dat
ik zocht en vond is in Ommoord, een
groot succes-filiaal.’
De heer W. J. van Bommel hoort eigenlijk ook tot de oude garde, want hij is
al 30 jaar bij Gall Gall en nog volop actief in filiaal Bloemendaal en
het ondernemingsraadwerk. De heer Van Bommel kan vergelijkingen trekken
tussen vroeger en nu en dat doet hij vaak in ons vraaggesprek. U zult dat
verderop kunnen lezen. Allereerst zijn - in letterlijke zin - veelbewogen
loopbaan.
Het is niet te geloven dat de heer
Kemner al 74 jaar is en dus al 9 jaar
gepensioneerd. Hij ziet er minstens
10 jaar jonger uit. Het gepensioneerd
worden was voor deze actieve man
erg moeilijk. Mevrouw Kemner vertelt
daarover:
’Op de dag dat ze hier afscheid
kwamen nemen is hij ’s nachts nog
weggebracht naar het ziekenhuis met
- weer - een hartinfarct! Alles
vanwege spanningen.’
as
um
iK